Repertoire

Monteverdi, Claudio - Maria Vespers, Lauda Jerusalem

Lauda Jerusalem, a 7 voci

 
Lauda, Jerusalem, Dominum:
Lauda Deum tuum, Sion.
Quoniam confortavit seras portarum tuarum:
benedixit filiis tuuis in te.
Qui posuit fines tuos pacem
et adipe frumenti satiat te.
 
Qui emittet eloquium suum terrae:
velociter currit sermo eius.
Qui dat nivem sicut lanam:
nebulam sicut cinerem spargit.
Mittet crystallum suam sicut bucellas:
ante faciem frigoris eius quis sustinebit?
Emittet verbum suum, et liquefaciet ea:
flabit spiritus eius, et fluent aquae.
 
Qui annunciat verbum suum Jacob:
justitias et judicia sua Israel.
Non fecit taliter omni nationi:
et judicia sua non manifestavit eis.
 
Gloria Patri et Filio
et Spiritui Sancto.
Sicut erat in principio, et nunc,
et simper, et in saecula saeculorum.
Amen
 
 
Prijs, Jeruzalem, prijs de Heer,
Loof, Sion, loof je God.
Hij heeft de grendels van je poorten versterkt,
het volk binnen je muren gezegend.
Hij geeft je vrede en veilige grenzen,
met vette tarwe stilt hij je honger.
Hij zendt zijn bevelen naar de aarde,
vlug als een renbode gaat zijn woord.
Hij laat het sneeuwen als wol,
rijp strooit hij uit als stof.
Hagel werpt hij in brokken neer:
wie is tegen zijn koude bestand?
Hij zendt zijn woord uit, en het begint te dooien:
Hij blaast zijn adem uit en de wateren stromen.
 
Hij maakt zijn woorden aan Jakob bekend:
zijn wetten en voorschriften aan Israel.
Met geen ander volk heeft hij zich zo verbonden,
Met zijn wetten zijn zij niet vertrouwd.
 
Eer aan de Vader en de Zoon
en de Heilige Geest.
Zoals het zal zijn in het begin en nu en altijd
en in de eeuwen der eeuwen.
Amen.

< vorige pagina