Repertoire

Pergolesi, Giovanni Battista - Stabat Mater

Stabat Mater

 
Stabat Mater dolorosa juxta crucem lacrimosa
Dum pendebat Filius
 
Smart had moeders hart bevangen, tranen stroomden langs haar wangen,
waar haar zoon gekruisigd hing
 
Cujus animam gementem contristatam et dolentem
pertransivit gladius
 
Zo afschuwlijk was haar lijden of een zwaard haar kwam doorsnijden
dat dwars door haar lichaam ging
 
O quam tristis et afflicta fuit illa benedicta
Mater Unigeniti!
 
Hoe verdrietig en verloren was de eens toch uitverkoren moeder 
die hem het leven gaf
 
Quae maerebat et dolebat, pia Mater, dum videbat
Nati poenas inclyti.
 
Ze moest treuren, ze moest klagen, ze moest beven
bij 't verdragen, bij 't beleven van zijn straf
 
Quis est homo qui non fleret, Materem Chirsti si videret
in tanto supplicio?
Quis non posser contristari, Matrem Christi contemplari
Dolentem cum filio?
 
Pro peccatis suae gentis vidit Jesum in tormentis,
et flagellis subditum.
 
Wie voelt er geen tranen komen, naar die moeder meegenomen
en naar zo'n terechtstelling?
Wie zou er niet hevig rouwen die de moeder moest aanschouwen
waar hij ten onderging.
Wie? Wie? Zij zag wat hij heeft geleden voor het kwaad dat mensen deden,
zag de zwepen, zag het slaan. 
 
Vidit suum dulcem natum moriendo desolatum,
Dum emisit spiritum.
 
Hoorde 't kind, door haar gedragen, stervende om bijstand vragen,
zag hoe hij is dood gegaan. 
 
Eia Mater, fons amoris, me sentire vim doloris
Fac, ut tecum lugeam.
 
Bron van alle mededogen, laat mij toch uw tranen drogen,
ik ben mét u in 't verdriet. 
 
Fac, ut ardeat cor meum in amando Christum Deum,
Ut sibi complaceam.
 
Laat mijn hart van liefde branden, ik wil het aan hem verpanden
en mijn trouw ontgaat hem niet. 
 
Sancta Mater, istud agas, crucifixi fige plagas
Cordi meo valide.
Tui nati vulnerati, tam dignati pro me pati,
Poenas mecum divide.
Fac me tecum pie flere, crucifix condolore,
Donec ego vixero.
Juxta crucem tecum stare, et me tibi sociare
In planctu desidero.
 
Virgo virginum praeclara, mihi jam non sis amara:
Fac me tecum plangere.
 
Moeder, wil mijn hart bezeren met de wonden die hem deren,
laat mijn hart dat waardig zijn. 
Hij moest lijden voor mijn zonden, laat mij lijden aan zijn wonden,
laat mij delen in de pijn.
Laat mij huilen aan uw zijde, laat het kruis ook mij doen lijden.
tot ik zelf eens dood moet gaan.
'k wil mij naar het kruis begeven om daar met u mee te leven
in wat hem lijden doet.
Stralende, ik moet u eren, wil u toch niet van mij keren,
laat mij huilend bij u staan. 
 
Fac, ut portem Christi mortem, passionis fac consortem,
Et plagas recolere.
Fac me plagis vulnerary, fac me cruce hac inebriari,
Et cruore filii.
 
Laat mij Christus' dood ervaren en in mijn hart bewaren al wat hem is aangedaan.
Laat zijn pijnen mij genaken, laat het kruis mij dronken maken 
van de liefde voor uw zoon. 
 
Inflammatus et accensus, per te Virgo, sim defenses
In die judicii.
Christe, cum sit hinc exire da per Matrem me venire
Ad palmam victoreae.
 
Als ik 't helse vuur moet vrezen, dan moet u mijn voorspraak wezen
bij 't oordeel voor zijn troon.
Laat het kruis over mij waken, laat zijn dood mij sterker maken,
zo dat hij me begeleidt.
 
Quando corpus morietur, fac, ut animae donetur
Paradise Gloria.
Amen.
 
Als mijn lichaam straks moet sterven, laat mij ziel 't geluk verwerven
dat de hemel ons bereidt.
Amen.

< vorige pagina