Chiel de Leeuw overleden
Hij bracht de muziekschool in Doetinchem tot grote bloei. En was de oprichter van het Oost-Nederlands Kamerkoor.
Chiel de Leeuw, muziekman in hart en nieren.
Dit weekend overleed Chiel de Leeuw. Een onvervalste muziekman, zo mag Chield de Leeuw worden genoemd die afgelopen weekend op 83-jarige leeftijd in het ziekenhuis in Zutphen (in welke plaats hij de laatste jaren woonde) overleed. "De school bestond al iets meer dan twintig jaar toen hij er in 1971 directeur werd", vertelt Thijs Huisman, huidig directeur van de Muziekschool Doetinchem. Chiel was de oplvolger van Hans Kox, die al een aanzet tot professionalisering van het muziekonderwijs had gegeven. Chiel de Leeuw bouwde daarop voort. Hij was een echte teamspeler. Het bijzondere aan Chiel was dat hij niet als een zakelijk manager de school runde. Hij dacht vanuit de muziek en vanuit de leerlingen. Natuurlijk, hij had wel oog voor de zakelijke kant. Maar die benutte hij altijd om de muziek, zijn leerlingen, vooruit te helpen." De Leeuw zou uiteindelijk twaalf jaar aan de Doetinchemse muziekschool verbonden blijven. Dat muziek de rode draad in zijn leven vormde, bewijst zijn levensloop. Na zijn conservatoriumopleiding in Utrecht kwam hij in 1959 naar de Achterhoek. Aanvankelijk was hij er actief als muziekdocent op scholen in Silvolde, Ulft, Doetinchem en Lobith. ook werd hij docent aan de muziekscholen in Doetinchem en Winterswijk en was hij organist en koordirigent in Gaanderen. Buiten zijn verdiensten als muziekschooldirecteur gebiet Chiel de Leeuw landelijke bekendheid vanwege zijn betrokkenheid bij het Oost-Nederlands Kamerkoor. Als oprichter stuwde hij het koor vanaf 1965 op tot grote hoogten. Zelf zei hij in een interview in de Gelderlander daarover: "Bij de oprichting stond mij voor ogen iets te doen wat anderen niet doen. Doel was niet bluffen of eerbetoon halen. Ik wilde proberen samen met anderen op muzikaal gebied iets bij te dragen aan een betere wereld." Het koor begon vanuit die bevlogenheid met re[etities bij De Leeuw thuis. Met de Doetinchemse Catharinakerk als thuisbasis bloeide het Oost-Nederlands Kamerkoor op tot een gezelschap dat ook ver buiten de Achterhoek grote faam genoot. Chiel de Leeuw bleef tot 1992 verbonden aan het koor. het jaar erop ontving hij vanwege zijn grote verdiensten een koninklijke onderscheiding.
(De Gelderlander, dinsdag 22 november 2011)